Het gaat niet vanzelf: de maatschappij en de mensen die er over klagen

 

“Flowers grow from death and decay”, River Roest, 2023 


Mijn hele leven worden ik, en de problemen die ik zie en uitspreek geminimaliseerd. Ik ben altijd al oplettend geweest in mijn omgeving. In mijn jeugd kon een klein probleem al snel op desastreuze wijze uit de hand lopen, dus het was doorgaans in mijn voordeel om een probleem zo snel mogelijk te zien en te voorkomen. Maar doordat ik hier alert op was, werd ik vaak als negatief of paranoïde neergezet. Over de jaren heeft dit mij veel onzekerheid opgeleverd over mijn eigen meningen en observaties. Misschien kan ik mezelf wel niet vertrouwen met mijn eigen voorspellingen. Maar dan keer op keer, wanneer de problemen die ik zag aankomen arriveren, wordt er gedaan alsof het uit het niets kwam, wie had dit kunnen voorspellen? 


Ik weet nog wel dat ik bijvoorbeeld de ruzies tussen mijn zusje en een vriendinnetje van haar op zag borrelen, en probeerde om ze even uit elkaar te halen. Dan werd er tegen mij gezegd dat ik niet zo gestresst moest doen en ze maar moest laten. Tien minuten later was het een schreeuwpartij tussen de meiden en hun moeders die nu allemaal meegesleept waren in het conflict. 


Zo zijn er vele situaties geweest waarin mijn zorgen werden weggezet als negatief doemdenken. Mijn waarschuwingen werden gezien als het creëren van een probleem, in plaats van er een te constateren. Deze minimalisering heeft mij jarenlang wantrouwen gegeven in de manier waarop ik mijn eigen perceptie van de wereld en mijn eigen emoties interpreteer. Wanneer mensen mij horen spreken, of mijn schrijfwerk zien, denken ze vaak dat het mij heel natuurlijk komt om uitgesproken te zijn. Dat het voor mij makkelijk is om een mening te verkondigen, zelfs als deze onpopulair is. Dat het mij niet raakt als mensen mij niet mogen door de dingen die ik zeg. Maar ik heb jaren moeten werken aan mijn capaciteit om me te uiten, en nog steeds vind ik het een eng idee dat mensen mij niet mogen vanwege mijn noodzaak om me uit te spreken. Want dat is het, een noodzaak. 


Ik kan niet meer in omgevingen zijn waarvan de conditie is dat ik mij niet eerlijk uit kan spreken om sociaal geaccepteerd te worden. Dat wil niet zeggen dat alles wat ik te melden heb kritiek is. Ik heb zoveel liefde en lof te geven aan van alles en nogwat, maar als er geen ruimte is om ook mijn kritieken uit te spreken, kan ik niet functioneren in die omgeving. Ik kan niet meer in een omgeving zijn waar ik mij het merendeel van de tijd moet gedragen als een reconstructie van mijzelf die makkelijker te verdragen is. Dit noemen ze “masken” of wel een masker voordoen. Deze term komt vanuit de autistische gemeenschap, maar kan eigenlijk op elke gemarginaliseerde groep toegepast worden. Als we de term globaal, ofwel intersectioneel, gebruiken, kan “masken” worden gezien als het verbergen van eigenschappen die deel uitmaken van het authentieke zelf, om zo beter geaccepteerd te worden door de sociaal dominante groep. 


Denk hierbij aan iemand met autisme die actief energie steekt in het verbergen van stims, of in het maken van oogcontact. Maar ook aan de queer persoon die zich heteronormatief kleed, de zwarte mens die met een wit accent probeert te praten, of de vrouw die meer als een man probeert te klinken. De noodzaak om te “masken” doet zich vaak voor op de werkvloer, de school, en andere situaties waarin de gemarginaliseerden moeten functioneren in een normatief gedomineerde omgeving. Maar dit is ook terug te zien in de samenleving in zijn geheel. In mijn voorgaande essay “Polarisatie, een dreiging voor fragiel comfort" heb ik meer gesproken over de manier waarop de samenleving streeft naar een wereld zonder conflict, maar dat er hierdoor ook een sterke neiging bestaat om te doen alsof het conflict niet bestaat, en dat het benoemen van conflict gelijk staat aan het creëren van conflict.


Hierin zie ik verwantschap met de gemarginaliseerde groepen wiens problemen al eeuwen worden geminimaliseerd. In het leren om mijn eigen opvattingen beter te vertrouwen, heb ik ook moeten leren om de stemmen van de gemarginaliseerden te vertrouwen wanneer zijn spreken over de dingen die ze ervaren. 


De problemen die ik in mijn jeugd zag, waren functioneel hetzelfde als die die ik nu zie. Ze zijn misschien een stuk grootschaliger, maar de reactie die ik krijg wanneer ik ze aankaart is nog steeds een minimaliserende houding. Ik heb ontdekt dat het niet alleen een probleem is dat uniek aan mij is, maar wereldwijd zijn er miljoenen mensen die de problematiek zien aankomen in de wereld, en nog vele malen meer mensen die tegen ze zeggen dat er niets aan de hand is. Klimaatverandering, oorlogen, de gevolgen van een wereld die wordt geregeerd door een kapitalistische filosofie waar de markt boven mensen wordt gezet en nog veel meer. Miljoenen mensen kaarten aan wat daar open en bloot wordt gepresenteerd, maar er wordt niet geluisterd.


Een van mijn grote zorgen van de afgelopen tijd is de manier waarop het kapitalisme het onderwijs afbreekt. Met name het kunstonderwijs maar ook onderwijs in de bredere zin. De opkomst van scholing fabrieken, waar zoveel mogelijk opleidingen onder één dak worden gepropt, de groeiende klassen, en in het kunstonderwijs speelt een algemene afbraak in de manier waarop we de waarde van kunst beschouwen. Steeds meer scholen en academies worden door geld gedreven. Wanneer onderwijsinstituten moeten functioneren binnen een kapitalistisch systeem, en onder leiders die hier de dreiging niet van inzien, is de onontkoombare uitkomst dat de kunsten vanaf de bron worden omgezet tot een middel van kapitaal.


Langzaam maar zeker boren kapitalistische parasieten zich in elk facet van de samenleving, waar ze deze van binnenuit vergiftigen. Met incrementele stappen breken ze de verdedigingsmechanismen van de samenleving af. En wanneer genoeg erosie heeft plaatsgevonden, pretenderen ze dat het kapitalisme de oplossing is voor al de problemen die het zelf heeft gecreëerd. Onder kapitalisme is het onderwijs geen middel om kennis over te dragen, vanuit een universeel begrip dat het waardevol is voor de mensheid om de wereld te begrijpen, maar werknemers fabriek. Een middel om zoveel mogelijk arbeiders aan te leveren die getraind zijn in gehoorzaamheid en zo min mogelijk vragen stellen. Gelukkig zijn er nog altijd scholen en academies die zich hier uit los proberen te maken, maar deze instituties bestaan ondanks het systeem, niet dankzij het systeem, en deze zullen vaak en hard moeten vechten voor hun eigen bestaansrecht.


In een wereld die apathisch lijkt tegenover haar eigen afbreuk, kost het soms zoveel energie om hoop te hebben voor een betere toekomst. Ik probeer het geloof dat we een betere toekomst kunnen creëren vast te houden, maar wat duidelijk is, is dat dit niet vanzelf komt. Soms zeggen mensen tegen mij dat dingen in het verleden ook altijd goed zijn gekomen. Dat de wereld wel vaker in onrust was en zichzelf heeft gecorrigeerd, maar dat is een leugen, of in ieder geval een ondermijning van iedereen die heeft gevochten en is gestorven om de wereld een betere plek te maken. Dingen zijn niet “vanzelf weer goed gekomen” mensen hebben gestreden om ze beter te maken. Sociale verandering komt niet doordat de machthebbende onderdrukkers op een dag besefte dat ze fout zaten. Veranderingen komen omdat er mensen zijn die de problemen zagen en ze bevochten. 


Nu wil ik niet de foute indruk geven dat ik mijzelf gelijk trek met deze mensen. Ik ben nog zo ver verwijderd van iemand die veranderingen durft door te voeren. Ik ben iemand die dingen ziet gebeuren, en er over praat en schrijft, maar ik kan enkel met lof praten over de mensen die alles op het spel hebben gezet om de verandering door te voeren die ze nodig achtte in de wereld.


Dat wil niet zeggen dat enkel directe actie er toe doet, veel mensen moeten zich door een drek aan bureaucratische processen slepen om verandering door te voeren. We hebben mensen nodig die spreken over de heldendaden van anderen en die deze verhalen verspreiden. Vandaag de dag wordt er veel gesproken over "slacktivisme" of “online-activisme” maar daarmee plaatsen we ook een ongepaste hoeveelheid schaamte bij mensen die proberen te doen wat binnen hun kunnen valt, om de wereld te verbeteren. Ja, directe actie ondernemen is effectief, maar de miljoenen mensen die online hun verhalen en de verhalen van andere delen en zo bewustheid creëren voor blinde vlekken van de samenleving, dragen collectief ook bij aan een positieve verandering in de wereld. Zolang we hierbij maar respect tonen voor de mensen die daadwerkelijke actie ondernemen, degenen die zoveel meer riskeren voor dat waar ze in geloven.


Soms zie ik de houding dat dingen als een vredig protest, veranderingen doorvoeren door de bestaande bureaucratische kanalen, of een gewilligheid om met het systeem te werken worden gezien als dingen die voortkomen uit intellectuele superioriteit, maar dat is niet hoe ik het zien. Ik zal mezelf nooit superieur zien aan de mensen die actie durven te ondernemen. De mensen die hun comfort op durven offeren voor dat waar ze in geloven.


Hierbij moet ik vaak denken aan een citaat van Frederick Douglass, over John Brown. Om het heel verbasterd te brengen was Douglass een man die tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog deed wat hij binnen het gevestigde systeem kon doen om te vechten voor de rechten van de tot slaafgemaakte mensen. Brown was iemand die niet geloofde dat de tot slaafgemaakten ooit vrij zouden zijn als er geen extreme actie werd ondernomen. Brown werd later opgepakt en ter dood veroordeeld voor een aanval waar hij Douglass had gevraagd aan mee te doen, maar werd afgewezen.


In de nasleep van zijn daden zei Douglass het volgende over Brown.


"His zeal in the cause of freedom was infinitely superior to mine. Mine was a taper light, his was the burning sun. Mine was bounded by time, his stretched away to the silent shores of eternity. I could speak for the slave. John Brown could fight for the slave. I could live for the slave. John Brown could die for the slave." 


In een wereld vol overweldigende systemen die onoverkoombaar lijken, is het soms moeilijk om te weten hoe we effectief hier iets tegen kunnen doen. Soms lijkt onze enige mogelijkheid om maar iets te retweeten of te delen op onze instagram stories. Maar laten we niet vergeten dat alle rechten die we hebben, zijn ontstaan door de mensen die er voor wilden sterven. Laten we ons gevoel van onmacht niet laten muteren tot een positie van morele, of intellectuele superioriteit. 


In de afgelopen jaren heb ik zoveel mogelijk binnen het systeem geprobeerd te doen als ik kon om de kwaliteit van educatie te bewaken. Als student is het natuurlijk lastig om daadwerkelijk waardevolle verandering door te voeren op die manier, maar ik wou het toch proberen. Maar de afgelopen tijd wordt het steeds moeilijker om te geloven dat er op die manier ooit waardevolle verandering kan ontstaan, of zelfs maar het behouden van de waardevolle dingen die we al hebben. Ik zie de afbreuk van het onderwijs voor mijn ogen gebeuren, ondanks al die gesprekken die ik binnen de school politiek heb gevoerd waarin ik verzekerd werd dat de onderwijskwaliteit voorop staat. Ondanks alles wat gezegd en besproken wordt, zal de wil van de markt toch regeren. 


En zo zie ik ook de afbreuk binnen de landelijke en wereldpolitiek. Onrecht vindt open en bloot plaats. Miljoenen mensen zien en benoemen het, en nog kan het ongehinderd doorgaan. Er zit waarde in bewustzijn creëren en verhalen verspreiden, maar wat de wereld echt nodig heeft is solidaire actie. Protesten, stakingen, versperde wegen en bekladde gebouwen. De wereld heeft het nodig dat mensen iets doen. Want uiteindelijk zijn de gemarginaliseerden van de wereld in de meerderheid. De enige echte “minority” zijn de macht houders die de wereld in hun voordeel sturen en ons onder de duim houden. Dat is waarom het belangrijk is dat we de intersectionaliteit in het leven zien, en samenkomen om een betere wereld te creëren. 

Reacties

Populaire posts van deze blog

Het gemak van AI en wat we verliezen

Waar was ik gebleven?

CEOver